Waarom blijft uw energiefactuur stijgen?

14.07.2016

U kunt er nog moeilijk omheen, het laatste jaar wordt u overstelpt met de boodschap om uw energiefacturen te vergelijken. Ondanks de vele inspanningen die u doet, heeft u hoogstwaarschijnlijk kunnen vaststellen dat uw factuur weinig of niet gedaald is, integendeel zelfs. Wat zijn nu de aspecten die deze prijsstijgingen verklaren?

Overzicht prijsstijgingen

1. Invoering bijdrage Vlaams energiefonds en verhoging sinds 01/03/2016

Op 1 januari 2015  werd de “Bijdrage Energiefonds” ingevoerd in Vlaanderen. Dit is een heffing die de overheid toelaat om haar energiebeleid uit te voeren. Meer specifiek dient deze bijdrage ter financiering van:

  • de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG),
  • de openbare dienstverplichtingen inzake energie,
  • het sociaal energiebeleid,
  • het beleid inzake het rationeel energiegebruik,
  • het beleid inzake warmtekrachtkoppeling,
  • het beleid inzake de hernieuwbare energiebronnen.

Aan de basis bedroeg deze heffing slechts 0,15 €/Maand.
Sinds 1 maart 2016 werd deze bijdrage sterk verhoogd. Het bedrag wordt nu bepaald in functie van het verbruik aan elektriciteit per teller. Deze bijdrage gaat van 25 €/jaar tot 120.000 €/jaar.

Deze kost wordt meegerekend in uw voorschotfactuur en verrekend bij de afrekening in geval van een jaarlijkse teller. In geval van een maandelijkse of automatische teller, wordt deze kost maandelijks verrekend.

Waarom werd deze “Bijdrage Energiefonds” verhoogd? Twee belangrijke redenen:

1)      De Vlaamse regering verleent steun om technologiën te stimuleren die hernieuwbare energie opwekken (zonnepanelen, windenergie, …). Deze technologieën zijn vandaag nog steeds duurder dan de klassieke energiebronnen (kernenergie, gas, steenkool, …). In het verleden werden bepaalde engagementen aangegaan voor zonnepanelen en biomassa-installaties door de vorige Vlaamse regeringen. Hierdoor zullen de kosten voor het systeem van de groenestroomcertificaten tegen 2019 oplopen tot 1,6 miljard euro per jaar.

2)      Producenten van groene stroom kunnen hun groenstroomcertificaten verkopen aan de distributienetbeheerder. De distributienetbeheerder is wettelijk verplicht om deze certificaten tegen een vastgelegde minimumprijs aan te kopen van de producent. De kosten die een distributienetbeheerder maakt om deze certificaten te kopen mag hij in principe doorrekenen in de distributienettarieven op uw elektriciteitsfactuur. Tot eind 2014 waren de distributienettarieven een federale bevoegdheid en de vorige bevoegde regulator, de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG), besliste om het distributienettarief van 2012 ook te handhaven voor 2013 en 2014. Hierdoor konden de toenemende kosten voor de aankoop van groenestroomcertificaten onvoldoende worden doorgerekend in het distributienettarief. De distributienetbeheerders bleven daardoor zitten met niet-doorgerekende certificatenkosten voor groene stroom. Ondertussen is dit opgelopen tot een schuldenberg van 1,976 miljard. Om deze kosten te kunnen blijven dragen, diende de distributienetbeheerders leningen aan te gaan bij financiële instellingen, waarop uiteraard intresten moeten betaald worden. Vroeg of laat moeten deze kosten echter worden doorgerekend in uw elektriciteitsfactuur. Hoe langer echter gewacht wordt, hoe hoger de schulden oplopen en hoe hoger ook de jaarlijkse rentelast stijgt.

Momenteel is er sprake van een aanpassing van de bijdrage energiefonds, voornamelijk gericht op personen die elektrisch verwarmen. Er werd tot op heden nog niks specifieks beslist.

2. Wijziging van de transmissienettarieven

Transmissienettarieven

Voor de federale tarieven voor openbaredienstverplichtingen en voor de heffing federale bijdrage  ‘elektriciteit’ op de tarieflijst transmissienettarieven werd er op 1 maart 2015 een bijzonder aanpassingsmoment voorzien en dit voor de volgende tariefcomponenten:

  • Openbaredienstverplichting met betrekking tot de aankoop van groenestroomcertificaten uit de productie door offshore windmolenparken
  • Openbaredienstverplichting ‘strategische reserve’
  • Federale bijdrage ‘elektriciteit’.

De elektriciteitsfactuur voor een gezin met een doorsnee verbruik van 3.500 kWh stijgt hierdoor gemiddeld met 0,18%.

3.     Invoering van het prosumententarief

ProsumententariefHet prosumententarief werd ingevoerd op 1 juli 2015 in Vlaanderen en betreft een taks die wordt aangerekend aan diegene die elektriciteit verbruikt op het adres waar de decentrale productie-installatie ligt (zonnepanelen, windmolens en WKK-installaties telkens ≤ 10 kW en met terugdraaiende teller).

Het is dus niet noodzakelijk de eigenaar van de decentrale productie-installatie die het prosumententarief betaalt. Als u huurder bent van een woning waarop een decentrale productie-installatie ligt, zoals bijvoorbeeld zonnepanelen, of u verhuurt het dak van uw woning aan een bedrijf die er bijvoorbeeld zonnepanelen op plaatste, dan betaalt u als gebruiker.

Prosumenten - consumenten die zelf (een deel van) hun energie opwekken - dragen op dit moment niet bij aan het gebruik van het net, of slechts in die mate dat ze netto nog stroom afnemen. Hierdoor worden deze netkosten momenteel vooral gedragen door gewone netgebruikers zonder een decentrale productie-installatie (zonnepanelen, WKK, windmolen telkens ≤ 10 kW), terwijl de prosumenten het net in twee richtingen gebruiken (afname en injectie). De maatregel is er op gericht om deze ongelijkheid recht te trekken zodat de netkosten verdeeld worden over iedereen die van het net gebruik maakt.

Het prosumententarief wordt bepaald in functie van het vermogen van uw installatie. De kostprijs bedraagt tussen 67 €/KWp en 120,43 €/KWp en is afhankelijk van uw netbeheerder.

Deze kost wordt meegerekend in uw voorschotfactuur en verrekend bij de afrekening.

4.     Doorrekening vennootschapsbelasting

vennootschapsbelastingDe federale programmawet van 19 december 2014 schrapte de uitzonderingsgrond voor intercommunales wat vennootschapsbelasting betreft. Hierdoor worden de elektriciteits- en aardgasdistributienetbeheerders onderworpen aan de vennootschapsbelasting vanaf 1 augustus 2015.

De vennootschapsbelasting heeft invloed op het distributienettarief:

  • basistarief voor het gebruik van het elektriciteitsdistributienet
  • basistarief voor het gebruik van het aardgasdistributienet
  • prosumententarief

Om het rendement van de aandeelhouders (de gemeentes) te kunnen behouden, dient deze belasting doorgerekend te worden aan de eindgebruikers.



5.     Verhoging van BTW voor particulieren van 6% naar 21 %

De federale regering besliste om een einde te maken aan de tijdelijke btw-verlaging op elektriciteit voor gezinnen.

Btw 21%Hierdoor steeg vanaf 1 september 2015 de btw op elektriciteit terug van 6 naar 21%.

Door deze federale maatregel stijgt de elektriciteitsfactuur van alle gezinnen.

Alle componenten van de factuur voor elektriciteitslevering die aan de btw onderworpen zijn, worden aan 21% gefactureerd. Dit betekent dat het distributienettarief en het prosumententarief stijgt.

6.     Stijging van de distributiekosten vanaf 01/01/2016 

De historische negatieve saldi bij de distributienetbeheerders zijn ontstaan onder een vorige, federale regulering waarbij de winst voor de netbeheerder jaarlijks was gegarandeerd, wat de kosten ook waren. Op het einde van het jaar kon elk teveel aan kosten (onvoldoende winst) of teveel aan opbrengsten (te veel winst) geparkeerd worden op de boekhoudkundige balans. Onlangs heeft het Hof van Beroep beslist dat hoewel de CREG deze in het verleden had moeten doorrekenen, het nu aan de VREG is als bevoegde regulator om de saldi over de jaren 2010-2014 te bepalen en te laten doorrekenen. Deze saldi zijn dus een erfenis uit het verleden.

DistributiekostenDe distributienettarieven van 2013 en 2014 werden bevroren en gelijkgesteld aan deze van 2012. De berekening van de tarieven voor 2012 is echter al in 2008 gebeurd, waarbij men diende in te schatten wat de kosten zouden zijn voor de komende vier jaar. De inschatting hield vanzelfsprekend geen rekening met de bevriezing waardoor deze kosten de laatste jaren sterk onderschat waren.

Over de periode 2009-2014 werden steeds grote tekorten (budget < werkelijkheid) op de balansen van de meeste elektriciteitsdistributienetbeheerders geboekt. Zij werden immers geconfronteerd met veel op te kopen certificaten voor groene stroom en warmte-krachtkoppeling, meer dan oorspronkelijk was gebudgetteerd. De distributienetbeheerders hebben hiervoor leningen moeten aangaan bij financiële instellingen om de tekorten in tussentijd op te vangen. Dit is uiteraard een onhoudbare situatie.

Er zal alvast 20% van de saldi als voorschot doorgerekend worden in 2016. Bij elektriciteit zijn er meestal tekorten. Deze zullen zorgen voor een tariefverhoging. Bij aardgas waren er vaak overschotten. Deze zorgen voor een tariefdaling. De rest zal dan volgen in de komende jaren.

De stijgingen zijn sterk verschillend volgens netbeheerder (tussen Eandis en Infrax en binnen de netbeheerders van Eandis). Bij de netbeheerders onder Eandis zijn de stijgingen iets minder groot doordat bij hen in 2011 nog een stijging werd doorgevoerd.

De sterke verhoging van de distributiekosten is enkel van toepassing in Vlaanderen. In Wallonië en Brussel werd de problematiek van de hernieuwbare energie op een andere manier opgelost, waardoor zij niet kampen met een zware erfenis uit het verleden en dergelijke correcties niet van toepassing zijn. In Wallonië zijn de distributiekosten slechts lichtjes gestegen en in Brussel zijn deze zelfs gedaald.

 

7.     Afschaffing gratis elektriciteit

Vanaf 1 januari 2016 hebben particulieren niet langer recht op gratis elektriciteit.

Gratis ElektriciteitVroeger had iedere netgebruiker recht op een basispakket gratis energie. De hoeveelheid gratis energie werd berekend in functie van het aantal officieel inwonende gezinsleden. Een gezin met 2 kinderen had zo recht op 500 kWh, alleenstaanden op 200 kWh en een samenwonend koppel zonder kinderen had recht op 300 kWh.

 

 

Bronnen:
http://belastingen.vlaanderen.be/sites/default/files/atoms/files/20160405_FAQ%20Energieheffing%20VLABEL_def2_0.pdf
http://www.vreg.be/nl/evolutie-van-de-energiefactuur-vanaf-1-januari-2015
http://www.vreg.be/nl/evolutie-van-de-energiefactuur-vanaf-1-januari-2016