Wie vandaag energieprijzen wil begrijpen, moet eerst kijken naar het mechanisme dat ze bepaalt: de merit order.
Op de elektriciteitsmarkt worden productie-eenheden ingezet volgens hun kostprijs, van goedkoop naar duur. De merit order bepaalt de elektriciteitsprijs door productie-eenheden te rangschikken volgens hun marginale kost: hernieuwbare bronnen zoals wind en zon staan vooraan en worden altijd eerst ingezet, gevolgd door waterkracht, biomassa en nucleair. Daarna komen fossiele centrales, waarbij de volgorde tussen kolen en gas afhangt van brandstof- en CO₂-prijzen, en helemaal achteraan staan de dure piekcentrales.
De prijs op de markt wordt vervolgens bepaald door de laatste, en dus duurste, centrale die nodig is om de vraag te dekken, wat verklaart waarom gas in veel situaties de elektriciteitsprijs bepaalt.
Hoewel de extreme pieken van de voorbije jaren voorlopig achter ons liggen, blijft het prijsniveau structureel hoger dan vóórheen. Waar elektriciteit vroeger vaak rond €50/MWh noteerde, zien we vandaag eerder een stabielere range tussen €70 en €100/MWh.
Maar belangrijker dan het absolute prijsniveau is de manier waarop prijzen tot stand komen, en hoe sterk die beïnvloed worden door seizoensgebonden factoren en de rol van gas in het systeem.
Zomer en winter: twee totaal verschillende markten
De merit order maakt meteen duidelijk waarom prijzen vandaag sterk verschillen tussen seizoenen. In de zomer leidt de overvloed aan zonne- en windenergie steeds vaker tot een situatie waarin goedkope productie volstaat om aan de vraag te voldoen. Duurdere centrales blijven dan buiten de markt, wat resulteert in lage prijzen en in sommige gevallen zelfs negatieve prijzen.
In de winter draait die logica om. De vraag naar elektriciteit stijgt, hernieuwbare productie is minder voorspelbaar en gascentrales worden opnieuw noodzakelijk om het evenwicht te bewaren. Net die centrales bepalen dan de prijs, wat verklaart waarom elektriciteitsprijzen in de winter zo sterk meebewegen met de gasmarkt.
Dit seizoenspatroon is geen tijdelijk fenomeen, maar een structurele realiteit die vraagt om een andere aanpak. Een uniforme prijsstrategie volstaat niet langer: bedrijven staan voor een dubbele uitdaging — zich beschermen tegen winterrisico's zonder de voordelen van lage zomerprijzen te verliezen. Energiebeheer evolueert daardoor van een administratieve beslissing naar een strategisch onderdeel van bedrijfsvoering.
Een markt die gevoelig blijft voor schokken
Belangrijker nog dan het prijsniveau is de aard van de markt zelf. De energiemarkt heeft de afgelopen jaren aangetoond dat stabiliteit geen evidentie is.
De recente spanningen rond Iran zijn daar een duidelijk voorbeeld van. De dreiging rond de Straat van Hormuz, een cruciale doorvoerroute voor olie en LNG, zorgde opnieuw voor nervositeit op de markten en plots stijgende prijzen.
In vergelijking met 2022 is de huidige situatie minder uitgesproken. Waar het tekort toen plots en geconcentreerd in Europa optrad, zien we vandaag een meer gespreide impact op wereldniveau. De druk op de energiemarkten wordt daardoor gedeeld tussen verschillende regio’s, wat zorgt voor een minder abrupte maar wel blijvende spanning.
Ook al zijn prijzen intussen opnieuw afgekoeld, de boodschap blijft duidelijk: Europa blijft sterk afhankelijk van internationale energiestromen en dus kwetsbaar voor geopolitieke ontwikkelingen. Zelfs tijdelijke verstoringen kunnen langdurig doorwerken in prijzen en bevoorrading.
Richting winter: een fragiel evenwicht
De Europese gasvoorraden zijn nog niet volledig aangevuld en moeten de komende maanden verder worden opgebouwd. Tegelijk blijft de concurrentie op de wereldmarkt voor LNG groot, met andere regio’s die dezelfde volumes nodig hebben.
In combinatie met aanhoudende geopolitieke onzekerheid, blijvende afhankelijkheid van import en de typische winterpiek in vraag, zorgt dit voor een kwetsbaar evenwicht. De huidige rust op de markt kan daardoor misleidend zijn. De kans dat prijzen richting Q4 2026 en Q1 2027 opnieuw onder druk komen te staan, blijft reëel.
Van vaste keuzes naar slimme combinaties
Waar vroeger vaak gekozen werd tussen volledig vast of volledig variabel, zien we vandaag een verschuiving naar hybride strategieën. De logica is eenvoudig: zekerheid wanneer het risico het grootst is, flexibiliteit wanneer de markt kansen biedt.
Vanuit die marktrealiteit ontstaan oplossingen zoals het WinterFreeze-product van Elexys.
Deze aanpak speelt in op de seizoensdynamiek van de markt: wintervolumes (Q1 en Q4) worden vooraf en gespreid vastgelegd, zomerverbruik blijft gekoppeld aan de variabele markt, en onnodige indekking wordt vermeden in periodes met relatief laag verbruik.
Opvallend is dat dergelijke strategieën vandaag ook toegankelijk zijn voor bedrijven met een relatief beperkt verbruik (vanaf ±100 MWh). Hierdoor kunnen meer organisaties actief sturen op hun energieprijs.
Conclusie: vooruitkijken loont
De huidige marktrust mag niet verward worden met stabiliteit op lange termijn. Integendeel: net in rustige periodes liggen de grootste opportuniteiten om risico’s te beheersen en strategieën te optimaliseren.
Voor bedrijven betekent dit vooral één ding: durven vooruitkijken naar de winter, nog vóór de markt opnieuw in beweging komt.
Wie wil nagaan hoe een seizoensgebonden aanpak concreet kan werken binnen zijn of haar organisatie, kan hierover steeds vrijblijvend verder in gesprek gaan.